Het gemeentelijke rioolstelsel vervoert het afvalwater van huishoudens en bedrijven naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie. Bij regen komt daar ook het water van zogenaamde 'verharde oppervlakten' bij. Denk daarbij aan regenwater van daken, straten en pleinen. Het waterschap is een groot voorstander van afkoppelen van regenwater van het riool, omdat dit regenwater het zuiveringsproces op de rioolwaterzuivering beïnvloedt en het natuurlijk niet logisch is om relatief schoon water te gaan zuiveren. De gemeenten zijn verantwoordelijk voor het afkoppelen van regenwater. De gemeenten werken hierbij nauw samen met het waterschap. Een geringere aanvoer van rioolwater is van invloed op de exploitatie van de rioolwaterzuiveringsinstallatie.
Bij hevige en langdurige neerslag kan het voorkomen dat het riool al dat water niet meer kan verwerken. Om te voorkomen dat het rioolwater in de straten loopt, zijn in het riool 'overstorten' aangebracht. Door deze openingen kan het teveel aan water overstorten in een vijver, kanaal of sloot. Dit heeft veelal vissterfte en stank tot gevolg.
Een ander groot nadeel is dat het schone regenwater wordt afgevoerd naar rwzi’s van het waterschap. Dit schone water legt onnodig beslag op de capaciteit van de rioolwaterzuiveringsinstallatie. Bovendien functioneert de rioolwaterzuiveringsinstallatie minder goed door deze grote hoeveelheid regenwater in het rioolwater. Het klinkt misschien gek, maar de biologische zuivering werkt het beste bij vuil afvalwater. Bovendien verdwijnt het schone regenwater via het riool ongewenst snel uit het neerslaggebied. Regenwater vasthouden en in de bodem laten trekken, helpt de verdroging van de natuur voorkomen.
In nieuw stedelijk gebied worden gescheiden rioolstelsels aangelegd. Het rioolwater stroomt in het ene stelsel en het regenwater in het andere. Het rioolwater gaat naar de rioolwaterzuiveringsinstallaties en het regenwater wordt afgevoerd naar oppervlaktewater. In bestaand stedelijk gebied streven de waterschappen naar een afkoppelingspercentage van 5% in 2005, 10% in 2010 en 20 tot 50% in 2018. Het waterschap werkt hierbij nauw samen met de gemeenten.
U kunt ook zelf uw regenwater afkoppelen van het dak van uw huis. Laat het regenwater bijvoorbeeld afstromen naar uw tuin. Daarvoor is wel een opvangvoorziening nodig als een regenton of vijver. Voorbeelden van wat u kunt realiseren in uw tuin vindt u op http://www.riool.info/. Afkoppelen van regenwater is de verantwoordelijkheid van de gemeente. Informeer bij uw gemeente of zij bezig zijn met afkoppelen van regenwater en of zij u kunnen helpen bij het realiseren van voorzieningen in uw tuin. Bij links vindt u alle websites van gemeenten in ons werkgebied.
