
Ons klimaat verandert. Wereldwijd wordt dit inmiddels onderkend. In ons land hebben we dit de laatste decennia kunnen waarnemen door de toegenomen wateroverlast en de vele hoogwatersituaties op de grote rivieren. De winters worden natter, de zomers droger. Door de gemiddeld hogere temperaturen wereldwijd stijgt de zeespiegel. Deze effecten hebben grote invloed op de waterhuishouding in Nederland. Alle overheden zijn ervan doordrongen dat de komende jaren grote inspanningen gedaan moeten worden. Daarom sloten Rijk, provincies, gemeenten en waterschappen het Nationaal Bestuursakkoord Water (NBW) om gezamenlijk te werken aan een Nederland dat kan leven met water!
De Deltacommissie deed belangrijke aanbevelingen die de komende jaren door alle overheden samen met maatschappelijke organisaties uitgewerkt worden. Die moeten ervoor zorgen dat Nederland in de 21e eeuw veilig blijft in samenhang met voldoende zoetwater om ons land leefbaar te houden.
Al vanaf het begin van deze eeuw houdt Waterschap Veluwe bij zijn werkzaamheden nadrukkelijk rekening met de gevolgen van het veranderende klimaat.
Zo toetste Waterschap Veluwe het eigen watersysteem of het voldoet aan de afgesproken normen. Voor het landelijk gebied geldt de norm dat inundatie vanuit het oppervlaktewater niet vaker dan 1 keer per 10 jaar mag voorkomen. Voor stedelijk gebied is die norm 1 keer per 100 jaar. De normering voor stedelijk gebied is veel hoger omdat de schade en de risico’s voor de mensen in stedelijk gebied veel groter zijn. Deze normering is vastgelegd in het waterbeheerplan. Elke 6 jaar wordt het watersysteem opnieuw getoetst aan de hand van de dan geldende klimaatscenario’s van het KNMI.
De toenemende neerslag vraagt om meer ruimte nodig dat het overtollige water kan vasthouden, tijdelijk bergt daarna afvoert. Waterschap Veluwe kiest voor integrale oplossingen waarbij meerdere waterdoelen gerealiseerd worden. Zo wordt het op orde brengen van het watersysteem zoveel mogelijk gecombineerd met andere wateropgaven als beekherstel, realisatie Kaderrichtlijn Water en aanleg van ecologische verbindingszones. Maatregelen om het systeem op orde te brengen voor 2015 op grond van de huidige klimaatscenario’s liggen op schema.
Voorbeeld van het eigen watersysteem in het landelijk gebied op orde brengen is de robuuste inrichting van de polder Hattem in combinatie met de bouw van het nieuwe gemaal Antlia.
Voorbeeld van het op orde brengen van het watersysteem in stedelijk gebied is de Grift in Apeldoorn die weer boven de grond is gebracht en meer ruimte heeft gekregen.
O
m de veiligheid in ons land, en ook in ons beheersgebied op orde te houden is onder andere het project Ruimte voor de Rivier reeds in uitvoering. De veiligheid is op dit moment voldoende. Bij Ruimte voor de Rivier wordt geanticipeerd op de klimaatsontwikkeling en op de toenemende afvoer van de rivieren. Kern van de uitwerking is dat niet eindeloos kan worden doorgegaan met het verhogen van de rivierdijken omdat de gevolgen van een eventuele dijkdoorbraak, die nooit geheel uit te sluiten is, door de toenemende hoogte van de watermassa alleen maar toenemen. Daarom vraagt het hoofdwatersysteem van de rivieren, waartoe de IJssel behoort, steeds meer ruimte.
Voor Waterschap Veluwe lopen projecten voor verruiming van de IJssel bij Cortenoever, Zutphen, Deventer en Veessen-Wapenveld. Bij Ruimte voor de Rivier vindt u hierover meer informatie.
Naast wateroverlast heeft het veranderende klimaat ook tot gevolg dat de perioden van droogte in het zomersysteem toenemen. Om hierop te anticiperen heeft het waterschap voor grote delen van het beheergebied het Gewenste Grond en Oppervlaktewater Regime (GGOR).
De inrichting van het watersysteem en het peilbeheer zijn belangrijk voor het landgebruik in het gebied. Zo vraagt een natuurgebied een andere waterstand dan een landbouwgebied of een stedelijk gebied. Met behulp van het stelsel van wateren, stuwen en gemalen wordt gestreefd naar de juiste hoeveelheid water op het juiste moment. Bij herinrichting van het watersysteem door bijvoorbeeld beekherstel en bij het onderhoud wordt ook nadrukkelijk gekeken naar voldoende beschikbaarheid van water in droge tijden en mogelijkheden om water vast te houden.
Om Nederland de komende eeuw veilig te houden en om over voldoende water te beschikken voor alle functies wordt de komende jaren gewerkt aan de uitwerking van het Deltaprogramma.
De hoofdlijnen van het Delta-advies gelden als uitgangspunten in het Nationale Waterplan. In dit plan is het IJsselmeergebied aangewezen als de plek waar de zoetwatervraag in samenhang met veiligheid uitgewerkt moet worden. Het IJsselmeer is het zoetwaterreservoir bij uitstek om watertekorten in de omliggende gebieden en eventueel andere delen van het land aan te vullen. Alle overheden werken samen met maatschappelijke organisaties de uitgangspunten van het Nationale Waterplan verder uit voor zowel de korte als lange termijn.
Voor de korte termijn (tot 2035) gaat het om een nieuw peilbesluit voor het hele IJsselmeergebied. Een zomerpeilstijging van 30 centimeter is het streven.
Voor de lange termijn (tot 2100) worden de gevolgen van de zeespiegelrijzing in samenhang met de zoetwatervraag en de veiligheid onderzocht. Een maximale stijging van 1,50 meter op het IJsselmeer behoort tot de mogelijkheden.
Over de werkelijke stijging van het IJsselmeerpeil voor de korte termijn en voor de lange termijn en de gevolgen die dit heeft voor de omgeving vinden de komende jaren gebiedsprocessen plaats waarbij alle overheden en maatschappelijke organisaties betrokken zijn. Dit moet in 2013 leiden tot een nieuw peilbesluit voor het hele IJsselmeergebied. In het nieuwe nationale waterplan 2015 wordt de toekomststrategie voor het lange termijn peilbeleid voor het IJsselmeer vastgelegd.
Waterschap Veluwe is nadrukkelijk betrokken bij de uitwerking van het Deltaprogramma.