
Waterschap Veluwe heeft vier rioolwaterzuiveringsinstallaties waar slib vergist wordt en gas opgeslagen. In de vernieuwde Arbo-wetgeving staat dat bestaande gasinstallaties aan richtlijnen voor explosieveiligheid moeten voldoen. Doel van deze richtlijnen is de verbetering van de gezondheidsbescherming en de veiligheid van werknemers die door explosieve atmosferen gevaar kunnen lopen.
In 2006 zijn de gasinstallaties van Waterschap Veluwe getoetst en zijn explosieveiligheidsdocumenten opgesteld. In deze documenten staat beschreven welke maatregelen het waterschap moet nemen om te kunnen voldoen aan de richtlijnen uit de vernieuwde Arbo-wet. Het gaat dan bijvoorbeeld om ventilatie van ruimtes, het explosieveilig uitvoeren van elektrische installaties en ruimten in zones verdelen. In deze zones mag alleen volgens procedures met de benodigde veiligheidsmaatregelen gewerkt worden. Het waterschap rondde deze werkzaamheden eind 2007 af.
Na het zuiveren van rioolwater blijft slib over. Dit is al het opgeloste vuil dat uit het water is gehaald. De kosten voor de verwerking van slib zijn afhankelijk van het gewicht van het slib. Door zoveel mogelijk water uit het slib te halen (slibontwatering), vermindert het gewicht. De verwerking van het slib is dan goedkoper.
Het waterschap haalde zelf met centrifuges zoveel mogelijk water uit het slib, waarna een gespecialiseerd bedrijf er nog meer water uithaalde en het slib verder verwerkte. De slibverwerkingsinstallatie van dit bedrijf was uniek in de wereld omdat deze het slib in vloeibare vorm kon verwerken. Het bedrijf is onherstelbaar beschadigd en daarom ook definitief gesloten. Andere bedrijven kunnen het slib niet vloeibaar verwerken.
Per 1 november 2007 ontwatert het waterschap slib zelf. Om dit te kunnen doen, is een centrale slibontwatering gebouwd op de zuivering in Apeldoorn. Het waterschap haalt zelf zoveel mogelijk water uit het slib waarna het ontwaterde slib naar een ander bedrijf gaat. Dit bedrijf zorgt ervoor dat het ontwaterde slib wordt gecomposteerd en verbrand.
Op de grote rioolwaterzuiveringsinstallaties voorziet Waterschap Veluwe al enkele jaren gedeeltelijk in zijn eigen energiebehoefte. Maar er valt nog meer te halen uit rioolslib. Op dit moment werkt het waterschap samen met energieleverancier Essent en de gemeente Apeldoorn aan de realisatie van een warmtenet in de nieuwbouwwijk Zuidbroek in Apeldoorn.
Na het zuiveren van rioolwater blijft slib over. Dit is al het opgeloste vuil dat uit het water is gehaald. Door dit slib te laten gisten, ontstaat biogas. Het biogas wordt verbrand in gasmotoren waarmee het waterschap elektrische energie opwekt. Bij de verbranding van biogas ontstaat ook warmte. Een groot gedeelte hiervan wordt tot op heden weggekoeld, net als bij een radiator van een auto. Dit gaat veranderen. Van de warmte die straks bij de gasmotoren vrijkomt, kan de rioolwaterzuiveringsinstallatie volledig in de eigen energiebehoefte voorzien. De warmte die overblijft, stelt het waterschap beschikbaar aan Essent.
Het waterschap bouwde een nieuwe installatie (warmtekrachtkoppeling). Deze installatie is gekoppeld aan het warmtenet. Hiermee wordt de warmte die overblijft bij het waterschap vervoerd naar de nieuwe wijk Zuidbroek. Essent voorziet daar de woningen van warmte. De 2.500 woningen in Zuidbroek zijn de eerste in Nederland waarvoor restenergie uit afvalwaterzuivering wordt gebruikt.